Welke kosten i.v.m. de fiets kan ik inbrengen bij mijn belastingaangifte ?

• Een eerste belangrijk onderscheid is dat tussen beroepsinkomsten (zie: veelgestelde vragen over de fietsvergoeding) en beroepskosten (aftrek fietsgebruik).

• I.v.m. de beroepskosten, is er een tweede onderscheid:
- of men brengt geen enkele beroepskost in en dan zal de fiscus automatisch een forfaitair bedrag als forfaitaire beroepskosten aftrekken van de beroepsinkomsten. Dat forfaitair bedrag wordt vastgelegd volgens vaste principes, percentages en berekeningen.

- of men brengt alle mogelijke beroepskosten in die dan ook moeten bewezen worden met facturen, restaurantbonnetjes, nota's, ... (de reële beroepskosten die van persoon tot persoon en ook van job tot job afhangen). Men kan genieten van de belastingsvrije fietsvergoeding (zie bovenaan, beroepsinkomsten) en tegelijk kiezen voor het bewijzen van de beroepskosten.

In dit laatste geval heeft de fietsende werknemer de keuze:

- ofwel gebruik van de fiets voor het woon-werkverkeer a rato van 0,21 EUR per afgelegde km;
- ofwel alle kosten die betrekking hebben op het fietsgebruik. In dit laatste geval: een fietsende werknemer kan nagenoeg alles als beroepskost inbrengen. Enkele voorbeelden:

- de fiets, al moet die wel worden afgeschreven op 3 tot 5 jaar en uiteraard enkel voor het deel van de effectieve woon-werkverplaatsingen;
- lidgeld van de Fietsersbond, vanwege de inbegrepen verzekering rechtsbijstand. Ook hier weer proportioneel voor het deel woon-werkverplaatsingen;
- een tuinhuisje om de fiets te stallen, ook weer naar proportionaliteit;
- onderhoudskosten fiets, ook weer proportioneel;
- Uitzondering: kosten van kledij kunnen niet worden ingebracht.

• Maar!: voor de overgrote meerderheid der Belgen is het forfaitair bedrag dat de fiscus zelf hanteert groter dan wat de belastingsplichtige kan inbrengen als reële bewezen beroepskosten. De meeste Belgen kunnen zich dus de moeite besparen van het aangeven van reële beroepskosten.


Fietsersbond op Twitter